Korte Ring met de oorspronkelijke kerk. FOTO: Collectie Henk Kok
Korte Ring met de oorspronkelijke kerk. FOTO: Collectie Henk Kok

Een zoektocht naar de Bruse grafzerken

Wat zou er nou mooier zijn, bedacht dominee Leo Molenaar van de Bruse Hervormde kerk - de ‘visjeskerk’- dan uit te vinden waar de oorspronkelijke oude grafzerken uit de verwoeste Bruse kerk gebleven zijn en die een mooi plekje te geven in de in 1952 nieuw gebouwde kerk. De oorspronkelijke kerk dateerde uit 1470 en was gewijd aan Sint Jacobus de Mindere.

door Anneke Flikweert

BRUINISSE - Aan het eind van de oorlog, op 5 februari 1945, werd Bruinisse beschoten door de geallieerden en lag een groot deel van het dorp in puin. Ook de Hervormde kerk werd zo zwaar beschadigd dat er werd besloten tot afbraak en nieuwbouw. Het kerkgebouw had al veel meegemaakt. Na de reformatie werden er vanaf 1590 Protestantse diensten in gehouden en verdwenen de muurschilderingen. Tijdens de Franse Revolutie werden alle familiewapens en onderscheidingstekens van adellijke graven verwijderd en met andere grafversierselen in het water van Riekusweel gegooid, waar later een aantal familiewapens weer uit werd opgevist. Omdat de kerkelijke gemeente bleef groeien werd het gebouw te klein. In maart 1902 werd een deel van het gebouw gesloopt en kwam er een dwarsstuk aan, waardoor de kerk een T-vorm kreeg.

In 1944 werd de Bruse bevolking geëvacueerd, slechts een klein deel van de bevolking mocht blijven. Bruinisse werd onder water gezet. Bij het bombardement op Bruinisse werden drie van de vier Bruse kerken verwoest en honderden huizen vernield of beschadigd. Het oude kerkgebouw van de Hervormde gemeente werd gesloopt.

Archief

In het archief van de gemeente Schouwen-Duiveland zijn ook de archieven van de Hervormde gemeente te Bruinisse te vinden: een goede plek om op zoek te gaan naar wat er met de grafzerken uit het oude kerkgebouw gebeurd is. In een donkergrijs bewolkt aantekeningenschrift zijn de ‘Notulen van de Vergaderingen van Kerkvoogden en Notabelen der Nederlands Hervormde Gemeente Bruinisse’ terug te lezen, vanaf 1934. ‘De kerk staat hoog,’ staat er met inkt in keurig schuinschrift genoteerd, op 18 februari 1944. ‘We zullen niet veel last van het water ondervinden.’ Het gaat dan over de inundatie. Er zijn wel enkele kerkenraadsleden afwezig ‘wegens abnormale oorlogsomstandigheden en evacuatie.’ Op donderdag 16 augustus 1945 komt het gezelschap bijeen en noteert secretaris M.N. Beekman: ‘ ... echter nu is ons een ander leed overkomen, daar onze kerk door de oorzaak van den oorlog is stuk geschoten.’ Op 25 oktober 1945 vermelden de notulen dat de secretaris van de Vereniging van Kerkvoogden de gemeente aanraadt zich niet te veel tegen de Dienst voor de Wederopbouw te verzetten. 'Deze heeft medegedeeld dat het kerkgebouw niet meer te herstellen is, dus afgebroken moet worden. Met algemene stemmen wordt besloten de kerk te laten afbreken en eraan te verbinden dat het Verenigingsgebouw van de afbraak zal opgeknapt worden.' Vervolgens wordt er vaak vergaderd over financiën. Ook is er gedoe over de architect: Wieger Bruin werd door de Wederopbouwcommissie aangewezen, maar de kerkenraad vond zijn ontwerp te modern. Uiteindelijk maakte architectenbureau Rothuizen en 't Hooft uit Middelburg een nieuw ontwerp voor kerk en pastorie.

Drie grafzerken

In de archieven is niets te vinden over de grafzerken uit het vroegere kerkgebouw. Destijds was iedereen vooral bezig met de wederopbouw. Huib Uil vond in een overzicht van alle grafzerken uit 1919 terug dat er in dat jaar nog slechts drie zerken zichtbaar waren in de kerk. Het betrof een zerk uit 1563 van dijkgraaf en schout Cornelis Corneliss. Looeman, met een Jeruzalemkruis. De tweede was een zerk uit 1596, die maar deels zichtbaar en dus leesbaar was. De derde zerk betrof een echtpaar waarvan de vrouw Pieterssensdochter heette, uit 1548. 'Misschien dat zich nog zerken onder kerkbanken verscholen,' vermoedt Huib Uil. 'In elk geval was het aantal destijds al gering, wellicht door de verbouwing en vergroting van de kerk in 1903.' Op de kerkhoven rond de kerken op Schouwen-Duiveland vinden we amper grafzerken en zeker niet van voor 1800. Destijds werden welgestelden in de kerk begraven en anderen op het kerkhof.

Oudste grafzerken

Jacob Wiebrens wees ons op de oudste grafzerken die in Bruinisse te vinden zijn, namelijk op het kerkhof aan de Molenweg. Daar werd Cornelia Bouterse op 29 november 1894 als eerste begraven. Er liggen echter in een hoekje achteraan nog oudere zerken: daterend rond 1888 tot 1891. Wellicht komen die van het vroegere kerkhof aan de Molenstraat vandaan, vermoeden archeologen. Tot nu toe zijn dat de oudst bekende grafzerken in Bruinisse. De grote vraag blijft waar de zerken uit de oorspronkelijke kerk gebleven zijn? Gesloopt en gedumpt in Riekusweel? Hergebruikt voor de herbouw van de abdij in Middelburg, zoals naar verluidt met de stenen van het oude kerkgebouw het geval was? Dominee Molenaar is nog steeds erg benieuwd naar het verhaal achter de verdwijning van de grafzerken. De archieven zwijgen erover, maar wellicht weet een oudere Bruënaar wél waar de stenen gebleven zijn?!

Meer berichten