Foto:

Vuurtoren Haamstede verhuist naar Rotterdam

ZIERIKZEE - Het Stadhuismuseum Zierikzee heeft zijn Vuurtoren van Haamstede uitgeleend aan het Belasting & Douane Museum aan de Parklaan in Rotterdam. Daar is het wandkleed te zien als onderdeel van de tentoonstelling Geld in de Kunst.

Voor het biljet van 250 gulden, dat in juli 1985 werd gepresenteerd, koos ontwerper Ootje Oxenaar (1929-2017) vuurtoren Westerlicht van Haamstede. Op de achterkant was, veel kleiner, de vuurtoren van Ameland te zien. De gemeente Westerschouwen waar Haamstede onder viel, was zo trots dat zij van de voorkant van het biljet een wandkleed wilde hebben. Naaldkunstenares Riet van der Wens-van Spanjen (1937-2016) uit Vleuten kreeg de opdracht. De Nederlandsche Bank zegde vier briefjes van 250 gulden toe als bijdrage in de kosten (drieduizend gulden) en een vergroot exemplaar dat als voorbeeld kon dienen.

Eind oktober 1986 was het ruim anderhalve meter hoge kunstwerk af. Tien jaar hing het wandkleed in het gemeentehuis van Westerschouwen. Na de gemeentelijke herindeling van 1997 kwam het kunstwerk in de collectie van het Stadhuismuseum.
Als aanvulling op de tentoonstelling Gek op Geld, die nog te zien is tot 8 maart 2020 in het Rotterdamse Belasting & Douane Museum, is de presentatie Geld in de Kunst samengesteld. Het museum maakte een selectie uit de eigen collectie en vulde die aan met het wandkleed van 250 gulden van het Stadhuismuseum Zierikzee.

Slauerhoff

Niet in naaldkunst weer te geven, want alleen met een vergrootglas zichtbaar op het biljet, waren enkele regels uit het gedicht Een eerlijk zeemansgraf van J. Slauerhoff (1898-1936):

De golven slaan in woesten dans,
De wolken stormen langs de zon
En breken op den horizon,
De vuurtoren staat in 't geklots,
Fier op zijn eenzaamheid, zijn rots,
Alsof de zware stalen trans
Zich zonder hem niet welven kon.

Meer berichten